HARTMAN

WIE WAS DE HEER HARTMAN?
De 28-jarige Hermanus Hartman solliciteerde in 1859 naar de betrekking van secretaris van de Brabantse gemeente Fijnaart en Heijningen. Hij kwam oorspronkelijk uit Breda en had ervaring opgedaan in Dordrecht en op de gemeentesecretarie van Lekkerkerk, Zuidbroek en Montfoort. Zoals ter plaatse gebruikelijk, vervoegde hij zich bij de raadsleden om zichzelf aan te bevelen. Een van de raadsleden ontmoedigde hem met de mededeling, dat hij weinig kans maakte, omdat ook de bode der gemeente had gesolliciteerd. Dat was een man met een groot gezin, die op deze wijze, aldus het raadslid, aan de kost geholpen werd. “Beschikt de bode dan over de bekwaamheden om het secretariaat van de gemeente te voeren,” vroeg Hartman beleefd. “Ach, was het antwoord, dat moet de burgemeester maar zien. Dat is niet een zaak van de raadsleden.”

BESTUUR EN ADMINISTRATIE DER GEMEENTEN
Het raadslid had niet te veel gezegd. Er kwamen 53 sollicitanten van wie de bode tot in de derde stemming steeds drie stemmen kreeg. In die derde stemming kreeg Hartman er vier en daarmee was hij gekozen. Hartman hield het in Fijnaart en Heijningen al gauw voor gezien en verhuisde naar Apeldoorn. Hier werkte hij bij de Registratie en Domeinen tot hij in 1862 secretaris van Lochem werd. Sindsdien heeft de gemeenteadministratie hem niet meer losgelaten. In Lochem schreef hij het eerste deel van wat zijn standaardwerk zou worden: Bestuur en Administratie der Gemeenten in Nederland. Een driedelig alfabetisch ingericht handboek voor de secretarieambtenaar. In een tijd dat er nog weinig gecodificeerd was, is dit werk op de raadhuizen van vooral de kleinere gemeenten een onmisbare steun geweest.

HET ENE HANDBOEK NA HET ANDERE
Toen het eerste deel in 1868 was verschenen, solliciteerde Hartman naar Goes, dat een secretaris zocht. Daar was zijn concurrent een telg uit een rijke Middelburgse familie. Hartman was de kandidaat van B&W en burgemeester mr. M.P. Blaaubeen legde uit waarom. “Wij hebben,” zo zei hij; “ons alleen laten leiden door ingekomen informaties en de persoonlijke kennismaking met enkelen der sollicitanten. Wij bevelen iemand aan, die in ons oog uitmunt door kunde en bekwaamheid, met terzijdestelling van criteria als geboorte, maatschappelijke stand en fortuin.” Hartman werd gekozen met zes van de elf stemmen. Hartman had in zijn Gelderse jaren ook veel journalistiek werk verricht. In Goes ging hij daarmee door. Hij publiceerde in allerlei vakbladen en schreef naast zijn werkzaamheden op het gemeentehuis het ene handboek na het andere, klappers en leerboeken. Over de staatsinrichting van Nederland, over plaatselijke belastingen, over het gemeentewezen, over de voorschriften voor bevolkingsregisters, over de periodieke werkzaamheden voor gemeentebesturen, over de lijkbezorging en over de wetten op de maten en gewichten en over de kleinhandel in sterke drank.

EEN ACTIEF MAN
Hij was de oprichter en de ziel van de Vereeniging van Burgemeesters en Secretarissen in Zuid- en Noord-Beveland. Toen in 1893 een Bond van Gemeenteambtenaren werd opgericht, sprak het vanzelf dat hij deel uitmaakte van het bestuur. Ook was hij de eerste secretais van de toenmalige Vereeniging van Burgemeesters, Secretarissen en Ontvangers der gemeenten. Bovendien werkten er bij hem op de secretarie in Goes altijd wel 1 of meer voluntairs, die hij het vak leerde. Hij was, kortom, een buitengewoon actief man.

TIJDSCHRIFT TER BEOEFENING VAN HET ADMINISTRATIEF RECHT
Bij al die activiteiten was echter zijn troetelkind het Tijdschrift ter beoefening van het Administratief Recht. Het eerste nummer hiervan verscheen in januari 1884 bij een uitgever in Goes. Het tijdschrift was primair gericht op jonge ambtenaren die het diploma ambtenaar ter secretarie wilden halen, ingesteld in diezelfde periode door de Nederlansche Vereeniging voor Gemeentebelangen. Het tijdschrift bood jonge mensen de mogelijkheid tot een geregelde oefening in de theorie en de praktijk van het openbaar bestuur. Iedere maand stelde de redactie een aantal vragen, die de abonnees beredeneerd moesten beantwoorden. Het beste antwoord werd afgedrukt en was natuurlijk een aanbeveling bij sollicitaties. Hartmans tijdschrift, zoals het op den duur ging heten, is van grote betekenis geweest voor de vorming en opleiding van het secretariepersoneel. Het zou zijn oprichter, die in 1894 overleed, nog 94 jaar overleven.

Bron: D. Hillenius, VNG-Magazine, 2 juni 2000